Echte liefde, op 't derde gezicht

 

Maaike Helmer is maar wat blij dat de eerste twee huizen niet doorgingen

Drie keer verliefd worden op een huis, het overkwam Maaike Helmer en haar lief. Dat derde huis had eigenlijk geen potentie voor vlinders in de buik, maar die kwamen er onverwacht toch. 'Eenmaal binnen was het even slikken. Totdat ik het Vermeerse licht zag.'

    Ik ben verliefd! Licht in mijn hoofd, een huppelend hart. Bijna door mijn benen zak ik, met mijn zwangere buik. Naast me staat mijn man, hij voelt het gelukkig ook. We staan dan ook voor het mooiste huis óóit. Met binnentuin (het plantenplan ontvouwt zich al in mijn hoofd), waanzinnig lichtinval, enorme schuifdeuren, een open haard, bad. HET. HEEFT. ALLES. We moeten het nog financieel uitzoeken, maar dat is slechts een formaliteit, toch? Dit is het. Verder kijken hoeft niet. Had ik al gezegd dat ik verliefd ben? Wat volgt zijn weken van papieren uitzoeken, loonstrookjes checken, hypotheekadviseurs spreken, en dan weten we eindelijk dat we het kunnen betalen. We gaan ervoor. Maar dan. Mijn lief kijkt bedremmeld op van zijn laptop. Ons huis is verkocht onder voorbehoud. Hoezo? Dit was óns huis. Entree liefdesverdriet. Maar zoals dat gaat met liefde; er komt een nieuwe. Ooit. In dit geval al na een maand. Het huis ligt weliswaar niet in de wijk die we op het oog hadden, maar er is een jacuzzi. En vloerverwarming. In de weken erop bezichtigen we, bieden we, en bieden opnieuw, en nog een keer. Uiteindelijk kunnen we niet hoger. Het huis wordt verkocht. Aan een ander. Dit is ook het moment dat we ons realiseren dat een aankoopmakelaar misschien geen overbodige luxe is.

    Als ik zeven maanden zwanger ben, zien we een huis dat in onze prijsklasse valt én wellicht potentie heeft. Maar het is ook aan de rand van de polder, in een buitenwijk waar alles op elkaar lijkt. Willen we hier wel wonen? Kwestie van je openstellen zegt onze makelaar. Eenmaal binnen is het even slikken. Elke kamer een andere kleur, de keuken gescheiden van de woonkamer door lelijke kasten en de trap mag ook wel onder handen worden genomen. Er is, kortom, geen instant verliefd gevoel. Totdat ik al rondlopend ineens wordt getroffen door het Hollandse licht dat door het achterraam naar binnen valt. Dat in een wonderlijke hoek op een bijna onmogelijke manier de kamer prachtig uitlicht. Ik zie mij er al met ons kind zitten, in dit ‘Vermeerse licht’. Mijn lief valt dat licht helemaal niet op. Die heeft de schuur ontdekt waar hij in gedachten zijn drumstel al heeft neergezet en aldaar fanatiek aan het spelen is. Twee maanden later heeft onze familie dat huis in de buitenwijk aan de rand van de polder opgeknapt en zijn we met zijn drieën. De kasten in de keuken zijn weg, de muren wit en de trap geschuurd. De rand van de polder, het Hollands licht via ons achterraam, de tuin, met schuur, toen we het eenmaal zagen vielen we er voor. Dat soort dingen ervaar je online niet, hóe goed de foto’s ook zijn.

    Zes jaar later heb ik nog steeds vlinders in mijn buik. Mijn dochter van zes zit in de kamer te minecraften. De zon kroelt haar haar. Mijn lief zit in zijn drumhok. Ik zet koffie. Als hij even later bezweet naar buiten stapt, steekt hij zijn hand naar me op. Ik houd koffie omhoog. Wat ben ik blij dat die eerste twee huizen niet doorgingen. Want wat ben ik verliefd op huis nummer drie. Echte liefde, op het derde gezicht.

    Meer binnen dit onderwerp